“Diep vanbinnen bleef ik tóch een dokter”

Als het aan orthopedisch chirurg dr. Kajo Stýblo (64) lag, had hij misschien wel helemaal nooit een kunstknie gekregen. Doodsbang was hij voor de operatie. Maar: het was onder het mes of stoppen met werken.

‘Ik heb veel te lang rondgelopen met artrose in mijn knie. De laatste maanden kwam daar ook artritis bij, maar van een operatie wilde ik niets weten. Mijn vrouw zegt dat ik een eigenwijze man ben en mijn collega’s vinden dat ook. Dus misschien zit daar wel een kern van waarheid in. Hoe dan ook, ik bleef denken: het gaat nog wel. Maar eigenlijk ging het helemaal niet meer. Ik liep met krukken op één been en zelfs daar kon ik op het laatst niet op staan. Mijn collega’s adviseerden om er toch echt wat aan te laten doen. Ze namen mijn werk over, zodat ik tijd had voor de operatie en herstel.’

De knop om
‘Achter die eigenwijsheid ging angst schuil. De kans is niet erg groot, maar ik was als de dood voor complicaties. Gek genoeg was de ergste paniek toch nog vóór de operatie verdwenen. De knop was om. Ik ben niet in mijn eigen ziekenhuis geopereerd. Mijn collega’s wilden het zo en ik begrijp dat; het kwam te dichtbij. In het andere ziekenhuis raakte ik snel gewend aan mijn nieuwe rol. Van het verplegend personeel kreeg ik complimenten: ze vonden dat ik me keurig als een patiënt gedroeg. Maar diep vanbinnen bleef ik natuurlijk toch een dokter. Vanuit mijn bed kon ik de gesprekken volgen die zorgprofessionals met elkaar en met patiënten voerden. Ik hoorde wanneer het goed ging, maar ook wanneer een gesprek ineens een andere wending kreeg. Dan raakten mensen die eerst op dezelfde golflengte zaten op twee sporen: ze gingen langs elkaar heen praten. ‘Diep vanbinnen bleef ik tóch een dokter. Goede communicatie is een kunst! Ik had nu eindelijk eens rustig de tijd om ernaar te luisteren. Heel boeiend.’

Netflix-verslaafd
‘Na de operatie heb ik thuis gerevalideerd. In deze maanden was het “heilige moeten” weg. Als arts word je min of meer geleefd. Ik ontdekte dat het leven zonder werk óók zeer de moeite waard kan zijn. Eindelijk kwam ik toe aan alle boeken die al jaren ongelezen in de kast stonden en ik raakte volkomen verslaafd aan Netflix. Heerlijk. Eerlijk gezegd kwam ik tijd tekort. Een hele geruststelling, gezien mijn naderende pensioen.’

Dikke knie
‘Sinds mijn operatie werk ik anders dan vroeger. Het vertrouwen tussen arts en patiënt vond ik altijd het allerbelangrijkste. Deze woorden hebben een andere betekenis gekregen. Een voorbeeld: twee maanden na een knieoperatie klaagt vrijwel iedereen nog over pijn, zwelling en stroefheid. Vroeger veegde ik die klachten gemakkelijk van tafel en zei: “Het is nog maar kort geleden dat u geopereerd bent, u moet een beetje geduld hebben.” Nu zeg ik: “Ik begrijp wat u bedoelt, dat vond ik zelf ook tegenvallen.” Soms ga ik zelfs, letterlijk, naast mijn patiënt zitten. Dan rol ik mijn broekspijp omhoog en zeg: “Kijk, dit is mijn geopereerde knie. Die is ook dikker dan de andere. Dat hebben we allemaal, de een wat meer dan de ander. U hoeft zich daar echt geen zorgen over te maken.” Mensen zijn dan zichtbaar opgelucht. Dat je als arts goed naar mensen moet luisteren, wist ik altijd al. Op een of andere manier gaat dat sinds mijn eigen operatie makkelijker.’